Afgelopen week waren we aanwezig bij een inspiratievol evenement van de Dutch Green Building Council (DGBC) in Eindhoven. Bij een van de sessies ‘Paris Proof is EU-proof’ gaf Robert Dijksterhuis een mooie update over de implementatie van EPBD IV. De sessie maakte meteen duidelijk: de Europese renovatie golf wordt technischer, strenger en strategischer. En Zero Emission Building (ZEB) wordt een belangrijk kompas voor de komende decennia.
EPBD IV heeft drie dominante pijlers die de markt gaan hervormen:
- MEPS: Minimale prestatie-eisen voor bestaande gebouwen
- ZEBs: Zero Emission Building als einddoel
- WLC: Whole Life Carbon als nieuwe klimaatmeetlat
Maar tussen alle termen ontstond vooral een prikkelende constatering:
“Een gebouw kan binnenkort ZEB-proof zijn… terwijl het een energielabel B heeft.”
Dat schuurt. Dat prikkelt. En het verandert hoe we als sector kijken naar waardering, financiering en verduurzaming beslissingen. En het roept de vraag op: welke andere aannames blijken we eigenlijk nog meer voor waar aan te nemen?
Hier 3 misverstanden die tijdens de DGBC-bijeenkomst werden ontkracht.
1. “ZEB is een nieuw soort energielabel”
Nee, want ZEB kijkt naar 2050-gereedheid, niet naar 2025-efficiëntie. Waar energielabels de huidige energieprestatie waarderen, richt ZEB zich op de structurele geschiktheid van gebouwen om fossielvrij te functioneren tot 2050.
Belangrijke punten van Dijksterhuis:
- Voor bestaande bouw wordt vanaf 2027 het ZEB-niveau vastgesteld op basis van NTA8800.
- Dit ZEB-niveau blijft vervolgens onveranderd tot 2050, gebouwonderdelen hoeven later dus niet opnieuw aangepakt te worden.
- Vanaf 2030 komt het ZEB-niveau zichtbaar op elk energielabel, zodat eigenaren direct zien: is mijn gebouw Paris Proof-ready?
2. “ZEB is straks verplicht voor bestaande bouw”
Onjuist, maar het wordt wel bepalend voor investeringsstromen. Een opvallende nuance: ZEB wordt geen wettelijke verplichting voor bestaande bouw. Dat klinkt mild, maar de impact is groot.
Waarom?
- MEPS (Minimum Energy Performance Standards) worden wél verplicht en zullen indirect naar ZEB bewegen.
- Marktpartijen — financiers, verzekeraars, corporaties, portfolio-eigenaren — zullen ZEB gebruiken als toekomstzekerheidsscore.
- Gebouwen met onvoldoende perspectief richting ZEB lopen op middellange termijn waarderings- en financieringsrisico’s.
Wat juridisch niet verplicht is, wordt economisch onvermijdelijk.
3. “Een ZEB-woning heeft per definitie label A of hoger”
Fout: isolatiegraad en systeem geschiktheid tellen zwaarder dan tabelniveau. Misschien wel de meest prikkelende boodschap: Een woning kan ZEB-ready zijn terwijl het energielabel B (of zelfs C) is.” “
Zo zit dat:
- Het ZEB-niveau voor woningen wordt afgeleid van de isolatiestandaard — de grenswaarde die aangeeft of een woning geschikt is voor duurzame, lage-temperatuurverwarming.
- De isolatiestandaard gaat uit van geen ingrijpende maatregelen (zoals buitengevel- of dakisolatie), maar wél van doelmatige schilisolatie.
- Vervanging van installaties in de toekomst kan de energieprestatie verder verbeteren, zónder dat de isolatie opnieuw hoeft.
Dit betekent dat een woning met label A+++ níet-ZEB kan zijn als de schil onvoldoende LT-ready is. En een woning met label B kan wél ZEB zijn als de isolatiestandaard gehaald is.
Het effect op de markt:
- Energiebedrijven krijgen beter inzicht in welke woningen daadwerkelijk overstapbaar zijn naar duurzame warmte.
- Gemeenten kunnen segmenteren op technische geschiktheid in plaats van op labels.
- Banken kunnen verduurzaming leningen scherper prioriteren op transitie-impact.
De nieuwe strategie voor de gebouwde omgeving
EPBD IV dwingt ons anders te kijken naar waardering van vastgoed, planning van warmte-infrastructuren, prioritering van isolatieprogramma’s, financieringsvoorwaarden en lange-termijn risico’s in woning- en utiliteits pools.
ZEB wordt de nieuwe “Paris Proof score”. WLC wordt het kompas voor materiaal- en renovatiekeuzes. MEPS wordt de stok achter de deur. En het energielabel? Dat blijft, maar verliest zijn monopolie als dé prestatie-indicator.
Van losse labels naar 2050-gereedheid
Met onze oplossingen, van Subsidiecheck tot isolatieprogramma’s en warmtescans, verschuiven we mee. Van eenmalige labels naar continue inzicht richting Paris Proof. Van vakjes afvinken naar toekomstbestendige strategieën.
De EPBD-IV update onderstreept precies waarom een datagedreven benadering noodzakelijk is: de energietransitie vraagt om diepgang, niet om symboliek.
Wil je dit verder duiden voor jouw portfolio, gemeente of klantgroep? Bas vertelt graag meer, mail hem via b.voermans@sobolt.com